Geschiedenis van de doping

1893

image618.jpg

De Japanse scheidkundige Nagayoshi Nagai (1844-1924) synthetiseerde metamfetamine, het eerste amfetamine derivaat.

1894

image010.jpg image011.jpg

De 'atletisering' van testikelextracten kwam vrij vlug na het eerste rapport van Brown-Sequard. In 1894 onderzochten de Oostenrijkse fysioloog Oskar Zoth (1864-1933) en de Oostenrijkse chemicus Fritz Pregl (1869-1930) de effecten van die extracten op de spierkracht. Hoewel Zoth concludeerde dat deze 'orchitische' extracten de spierkracht verbeterden, is het hoogst onwaarschijnlijk dat ze therapeutische of ergogene effecten hadden buiten de kracht van de suggestie. In de slotzin van zijn publicatie uit 1896 leverde hij niettemin een huiveringwekkende voorspelling over het gebruik van anabole hormonen in de sport van de twintigste eeuw:

“De training van atleten biedt op dit vlak een mogelijkheid voor verder onderzoek en voor de praktische beoordeling van onze experimentele resultaten”.

1895

Een paar Franse firma's voerden publiciteit rond hun producten 'l'Elixir de vitesse' en 'Vélo Guignolet', die op basis van cocaïne en morfine waren vervaardigd.

1896

image496.jpg

De promotoren van New York beloofden Teddy Hale (1864-1911) vijfduizend Dollar als hij hun zesdaagse zou winnen. Dat deed de Ier, maar toen hij uiteindelijk zo wit als een lijk de finish bereikte, werd hij door de massa toegejuicht, maar stoned als hij was reed hij nog tien kilometer door zonder te beseffen wat hij deed. De dag voordien had hij al waanideeën, op zeker moment stapte hij van de fiets en met schrik in de ogen riep hij dat er een programma was om hem omver te rijden.

1896

In 1896 won de Britse renner Arthur Linton (1868-1896) de 560 kilometer lange wielerwedstrijd Bordeaux-Parijs. Na die overwinning betwistte hij nog wedstrijden in Londen en Parijs, maar daarin moest hij wegens ziekte opgeven. Twee maanden na zijn zege stierf hij een mysterieuze dood volgens heel wat geruchten aan de gevolgen van massaal dopinggebruik.

1897

image012.jpg

In Engeland stierf Choppy Warburton (1859-1897) op 52-jarige leeftijd. De 'Lancashire Family History Society' omschreef hem als volgt:

"Choppy wordt geïdentificeerd als de aanstichter van het druggebruik in de wielersport van de 19de eeuw.”

Warburton werd in 1896 uit de sport verbannen na onbewezen claims over massaal dopinggebruik in de wedstrijd Bordeaux - Parijs. Zijn activiteiten zouden tot de vroege dood van Arthur Linton (1872-1896), Tom Linton (1876-1914) en Jimmy Michael (1877-1904) hebben bijgedragen. Op de foto poseert Warburton met zijn drie discipelen. Hij ging de geschiedenis in als de meest excentrieke wielercoach aller tijden, een lange, slanke en vreemde verschijning met een fraaie snor, lange donkere mantel en bolhoed, waardoor hij er vervaarlijk uitzag. De meningen over hem waren verdeeld, sommigen beschouwden hem als een moderne trainer, voor anderen was hij een sluwe manager en gewetenloze gifmenger. Zelf was hij tijdens zijn jeugd met atletiek begonnen en dat hield hij dertig jaar vol. Toen er in Manchester een wielerbaan werd gebouwd, stortte hij zich op het begeleiden van jonge wielertalenten. In zijn lange overjas met talloze binnenzakken zaten allerlei middeltjes verborgen en ook zijn onafscheidelijke tas bevatte ontelbare flesjes, gevuld met ongekende substanties. In die tijd waren laudanum, cocaïne, arsenicum, strychnine, cafeïne en nitroglycerine gewoon verkrijgbaar in de lokale apotheek, de apotheker wilde enkel weten waarvoor het middel moest dienen en schreef dit dan op in zijn ‘poison book’. Choppy pochte tegen iedereen die het horen wilde:

“Ik coach amper vier wielrenners, maar drie ervan zijn wel wereldkampioen.”

image002_33.jpg

Buiten de genoemde Jimmy Michael en de broers Arthur en Tom Linton coachte hij ook de Franse renster Amélie le Gall. In 1896 vestigde de Bretoense in het Londense Aquarium, Westminster het wereldrecord 100 kilometer voor vrouwen en in Parijs won ze datzelfde jaar ook het eerste WK voor vrouwen. Meestal verbleef Amelie in de Engelse hoofdstad, waar ze de artiestennaam Lisette Marton aannam en een heuse beroemdheid werd. Op de wielerbaan reed ze vaak tegen mannen en ze nam deel aan de zesdaagsen van Westminster en Parijs.