Anekdotes Olympische Spelen

Rome 1960

image001_8.jpg

De Italianen hadden voor de Spelen in de eigen hoofdstad kosten noch moeite gespaard. Aan de voet van de Monte Mario werd een marmeren stadion met 80.000 plaatsen gebouwd, iets verderop het zwembad.

Juiste cijfers over het kostenplaatje liggen niet voor omdat de Italiaanse staat de meeste kosten voor haar rekening nam. Wel is geweten dat een grote hap van het budget naar de uitbreiding van de luchthaven Fiumicino ging.

De totale inkomsten werden geraamd op 7,2 miljoen Dollar, 394.000 daarvan kwamen van de TV-uitzendrechten en 4,2 miljoen van de inkomkaartjes. Daarnaast werden ook nog speciale postzegels gedrukt en speciale munten geslagen.

Na een zware aardbeving werd de Chileense delegatie door de organisatie financieel ondersteund.

Eerste deelname van Marokko, Soedan, Tunesië en San Marino.

Een record aantal deelnemers van 5.348 atleten uit 83 landen.

De Spelen van Rome waren de eerste die door de Amerikaanse TV-zender CBS wereldwijd werden uitgezonden.

image192_1.jpg

Taiwan nam eveneens deel, maar moest onder de naam Formosa aantreden, waar het zichzelf als Republic of China had ingeschreven. Tijdens de openingsplechtigheid kwamen de atleten het stadion binnengewandeld achter een bord met het opschrift 'Under Protest'.

Men probeerde ook zoveel mogelijk antieke gebouwen bij de Spelen te betrekken.

image193.jpg

Het turnen vond plaats in de Thermen van Caracalla.

image194_1.jpg

Het worstelen ging door in de Basilica di Masseznio, 2000 jaar voordien ook al decor voor dit gebeuren.

image195_1.jpg

De marathon startte aan de voet van het Capitool en eindigde onder de triomfboog van Constantijn op de Via Appia en niet in het stadion.

image196.jpg

Italië had de Spelen van 1908 mislopen, nu werd Rome wel verkozen en laat dat nu net de thuisstad zijn van Keizer Theodosius I (346-395), die 1567 jaar voordien de oude Spelen verboden had.

Voor het eerst

De Japanse turnters startten hun reeks van vijf achtereenvolgende overwinningen die tot de Spelen van 1976 zou duren.

Tunesië schreef voor het eerst drie atleten in voor de moderne vijfkamp. Het trio had echter weinig kaas gegeten van dit nummer en slaagde erin om niet een puntje te behalen. Zo tuimelden ze alle drie van het paard, omdat ze dat nog nooit bereden hadden. In het zwemmen ontsnapte een Tunesiër ternauwernood aan de verdrinkingsdood. En ook het schieten was niet hun sterkste kant, heel wat kogels landden gevaarlijk dicht in de buurt van de juryleden, waarop die beslisten om de ploeg uit te sluiten voor dat onderdeel kwestie van verdere ongelukken te vermijden. Slechts een van de drie Tunesiërs kon met een sabel overweg, waarop hij de plaats van zijn twee collega's innam zonder zijn masker af te doen. De fraude werd ontdekt en Tunesië werd uit de uitslag geschrapt.

De Indische hockeymannen verloren voor het eerst sedert 1928 de finale. De 1-0 nederlaag tegen Pakistan kwam na 32 jaar, na dertig opeenvolgende overwinningen en na zes opeenvolgende gouden medailles.

image002.jpg

In de 400m haalde de Amerikaan Otis Davis (1932-) het op de meet van de Duitser Carl Kaufmann (1936-2008). Beiden klokten 44.9 af, een dubbel wereldrecord, de fotofinish duidde Davis echter als winnaar aan.

image004.jpg

De Italiaanse wielrenner Sante Gaiardoni (1939-) was de eerste die zowel het sprintnummer als de kilometer tijdrijden won.

image197_1.jpg

Na drie opeenvolgende zilveren medailles wonnen de Joegoslavische voetballers voor het eerst goud. In de finale ging Denemarken met 3-1 voor de bijl.

De meest succesvolle atleten

In het turnen gingen vijftien van de zestien medailles naar de Russische vrouwen.

De Sovjet-Unie veroverde 103 medailles, waarvan 43 gouden, de USA 71 waarvan 34 gouden.

image005.jpg

De Zwarte Gazelle Wilma Rudolph (1940-1994) won drie keer goud: 100, 200 en 4x100m. De Amerikaanse was de twintigste uit een gezin van tweeëntwintig kinderen en werd met een gewicht van amper twee kilogram veel te vroeg geboren. Bovendien kreeg ze kinderverlamming, longontstekingen en op de koop toe ook nog eens roodvonk. Ze was zes toen ze voor het eerst kon lopen, zij het met beugels.

image007.jpg

De dagelijkse massage van haar broers en zusters bevrijdde haar met succes van die handicap, ze was net elf toen haar moeder haar voor het eerst op een prachtige manier zag basketten. Bovendien legde ze zich toe op lopen en werd ze door Ed Temple (1927-2016) ontdekt, die haar verder begeleidde. Amper zestien jaar oud won ze brons met de Amerikaanse estafetteploeg 4 x 100m op de Spelen van 1956 in Melbourne. En net voor Rome schreef ze geschiedenis door het wereldrecord van de 200m met een chrono 22.9 te verpulveren op de Amerikaanse kampioenschappen in het Texaanse Corpus Christi. Net voor de finale van de 4 x 100m verstuikte ze in Rome haar enkel, maar ze verbeet de pijn en hielp haar ploeg aan de zege. Tijdens een meeting in het Duitse Stuttgart net na de Spelen drukte ze het wereldrecord van de 100m naar 11.3 en nog eens twee jaar later stopte ze met atletiek. Ze huwde, kreeg vier kinderen maar stierf op 54-jarige leeftijd aan een hersentumor.

image009.jpg

Bij de mannen voor de tweede keer op rij geen Amerikaanse winnaar in de sprintnummers. De Duitser Armin Hary (1937-), die net voor de Olympiade het wereldrecord op 10 rond had gebracht, won de 100m.

image011.jpg

Nadien liep hij met zijn ploegmaats Bernd Cullmann (1939-), Walter Mahlendorf (1935-) en Martin Lauer (1937-) een nieuw wereldrecord op de 4 x 100m met een chrono van 39.5, uiteraard goed voor het goud. Al was deze winst voornamelijk te danken aan een foute stokwissel bij de Amerikanen.

image013.jpg

Martin Lauer (1937-) was nochtans met problemen aan deze Spelen begonnen, een beenvliesontsteking zorgde voor trainingsachterstand. Ook ingeschreven voor de 110m horden en de tienkamp, liet hij dat laatste nummer aan zich voorbijgaan. In de 110m horden viel hij met een vierde plaats net naast het podium, maar de winst in de 4 x 100m maakte alles goed. Na de Spelen liet hij zich grondig behandelen, maar een slecht gesteriliseerde injectienaald zorgde voor een bloedvergiftiging. Een beenamputatie kon net vermeden worden, maar kluisterde hem één jaar aan het bed, meteen ook het einde van zijn sportloopbaan. En nog was het leed niet geleden, samen met zijn broer Freddy verongelukte zijn vriendin op de autosnelweg dicht bij Augsburg. De behandelingen en een hele reeks processen brachten hem bovendien in financiële problemen.

image015.jpg

Op zijn ziekbed begon hij liedjesteksten te schrijven die aansloegen bij het publiek, waarop Polydor hem een platencontract aanbood. In januari 1962 kwam zijn song Sacramento in de Duitse hitparade, er volgden nog tien andere liedjes in country-stijl. In totaal verkocht hij meer dan zes miljoen platen, waarvan 'Taxi nach Texas', 'Die letzte Rose der Prärie' en 'Wenn ich ein Cowboy wär' het best verkochten. Hij trad op in heel wat Duitse TV-shows, o.a. bij Lou van Burg (1917-1986), Udo Jurgens (1934-2014) en Peter Alexander (1926-2011). Als journalist versloeg hij de Spelen van Tokio in 1964 , nadien beëindigde hij zijn opleiding van Ingenieur en specialiseerde hij zich in natriumkoeling van kernreactoren. In zijn vrije uurtjes sleutelde hij de eerste microcomputer in elkaar die in 1972 voor de eerste elektronische tijdopname gebruikt werd op de Spelen van München. In 1988 ging hij met pensioen.

image262.jpg

De Sovjet turner Boris Shakhlin (1932-2008) won vier gouden, twee zilveren en een bronzen medaille.

image019.jpg

De 50-jarige Hongaarse schermer Aladar Gerevich (1910-1991) haalde op zijn verjaardag zijn zesde opeenvolgende gouden medaille met de sabel op evenveel Spelen. Het was ook zijn tiende Olympische medaille en zijn zevende gouden met 24 jaar verschil tussen de eerste en de laatste. Schoonvader Albert Bogen (1882-1961) had op de Spelen van 1912 zilver gewonnen in datzelfde nummer en echtgenote Erna Bogen-Bogathy (1906-2002) won brons met de degen op de Spelen van 1932. Zoon Pál Gerevich (1948-) veroverde tijdens de Olympiades van 1972 en 1980 brons in het sabelnummer, terwijl diens vrouw Gyöngyi Gerevichné Bardi (1958-) op dezelfde Spelen met een vierde plaats telkens naast het podium eindigde met het Hongaarse volleybalteam.

image021.jpg

De Zweed Gert Fredriksson (1919-2006) won in het kanovaren een zesde gouden medaille: 1948: K1 1.000m en 10.000m, 1952: K1 1.000m, 1956: K1 1.000m en 10.000m en 1960: K2 1.000m.

image023.jpg

De Deense zeiler Paul Elvstroem (1928-2016) veroverde een vierde opeenvolgende gouden medaille.

image025.jpg image027.jpg

De Amerikaan Tommy Kono (1930-2016) haalde zilver in het gewichtheffen bij de middelgewichten. Meteen zijn derde opeenvolgende Olympische medaille, maar wat alles uniek maakte was dat het in drie verschillende gewichtsklassen gebeurde: in 1952 als lichtgewicht en in 1956 als licht-zwaargewicht. Bovendien werd hij tweemaal tot Mister Universe verkozen.

Welk fluitsignaal?

In de wedstrijden om de negende plaats klonk tijdens de hockeywedstrijd Frankrijk-België plots een fluitsignaal. De Belgen staakten hun spel maar de Fransen speelden lustig verder en scoorden zelfs een doelpunt dat door de scheidsrechters werd toegekend. De 1-0 einduitslag en het 2-1 verlies nadien tegen de Nederlanders betekende meteen ook dat de Belgen vrede moesten nemen met de elfde  plaats. Het fluitsignaal kwam immers van een verkeersagent buiten het stadion.

Kleinste verschil

image029.jpg

Na een legendarische strijd versloeg de Amerikaan Rafer Johnson (1935-) in de tienkamp zijn Taiwanese trainingsmaat en studiegenoot Yang Chuan-kwang (1933-2007). Enkel de afsluitende 1.500m kon de twee van mekaar scheiden, Johnson finishte zeven seconden eerder en haalde het goud met luttele 37 punten voorsprong, het kleinste verschil ooit. De Rus Vasily Kuznetsov (1932-2001) werd derde. De Amerikaan betwistte in 1954 zijn eerste tienkamp en na amper vier wedstrijden eigende hij zich het wereldrecord toe. Hij kwalificeerde zich zowel in de tienkamp als het verspringen voor de Spelen van Melbourne 1956. Een blessure verplichtte hem echter forfait te geven voor dat laatste nummer, in de tienkamp eindigde hij tweede. Meteen ook zijn laatste nederlaag in dat nummer. Nochtans waren 1957 en 1959 dramatisch voor Johnson, een auto ongeluk hield hem die jaren van de sintelbaan. In 1958 en 1960 verbeterde hij echter tweemaal het wereldrecord. Na zijn overwinning in Rome kapte Johnson met competitie en werd hij atletiekverslaggever en filmacteur, met onder meer de rol van DEA agent in de James Bond film License to kill. In 1968 werkte hij mee aan de verkiezingscampagne van Robert Kennedy (1925-1968) en was hij één van de mannen die diens moordenaar Sirhan Sirhan (1944-) na de gelukte moordaanslag met een worstelgreep in bedwang hield. Zijn dochter Jennifer Johnson-Jordan (1973-) speelde in 2000 beachvolleybal op de Spelen van Sydney.

Koninklijk goud

image256.jpg

De Griekse Kroonprins Constantijn II (1940-) won goud in de draak klasse.

Derde generatie

image031.jpg

Door zijn winst in het zeilnummer Flying Dutchman werd de Noor Peder Lunde Jr (1942-) de derde in zijn familie met een Olympische medaille. Grootvader Eugen Lunde (1887-1963) won goud in 1924. Vader Peder Lunde, Sr (1918-2009) haalde op de Spelen van 1952 zilver in de gemixte klasse samen met moeder Vibeke Lunde (1921-1962) en haar broer Børre Falkum-Hansen (1919-2006). Aud Hvammen (1943-), de vrouw van Peder Lunde Jr, nam deel aan de Winterspelen van 1968, net als hun dochter Jeanette Lunde (1972-) in 1994 en 2000, maar die werd in 2000 ook geselecteerd voor de Noorse Olympische zeilploeg.

Boksen

image033.jpg

De Amerikaanse boksers Edward Crook (1929-2005), Cassius Clay (1942-2016) en Wilbert McClure (1938-) wonnen respectievelijk goud bij de middelgewichten, de lichtzwaargewichten en de licht middelgewichten. De achttienjarige Clay werd later beroemd als Mohammad Ali en groeide uit tot één der grootste en rijkste profi-boksers aller tijden. Crook schopte het tot sergeant-major in het Amerikaanse leger en diende tijdens de Vietnam oorlog. McClure werd eveneens beroepsbokser die op zeven jaar tijd 23 wedstrijden won, zeven verloor en eentje onbeslist bokste.

Heeeel blij

image217.jpg image216_1.jpg

Het goud in het polsstokspringen ging naar Donald Bragg (1935-), die hierover zo enthousiast was dat hij bij de uitreiking van de medailles een Tarzankreet slaakte op het podium. Zijn bijnaam was overigens Tarzan, niet alleen omwille van zijn postuur, maar ook omdat de Amerikaan die rol dolgraag zou spelen. Vier jaar later kwam zijn droom uit maar die werd al gauw aan diggelen geslagen nadat bleek dat die verfilming gepaard ging met een schending van de auteursrechten en niet mocht uitgebracht worden. 

Warm, heel warm

image035.jpg

Na zijn negatieve ervaring op de Spelen van 1956, toen hij tijdens de 50km snelwandelen instortte in het zicht van het stadion, was de Brit Don Thompson (1933-2006) vastberaden om het in Rome beter te doen. Om te wennen aan de drukkende hitte oefende hij in zijn afgesloten badkamer die gevuld was met verwarmingstoestellen en stoomketels, volgens hem overeenstemend met de Romeinse hitte- en vochtigheidsgraadcondities in de zomermaanden. Met succes overigens, want hij won het nummer in een nieuw Olympisch record van 4h25:30.

Vanuit het ziekbed naar goud

image037.jpg

Na de val van zijn paard werd de Australische ruiter Bill Roycroft (1915-2011) met een hersenschudding en een sleutelbeenbreuk in een Romeins hospitaal opgenomen, maar hij ontvluchtte zijn bed om aan de landenfinale deel te nemen. Dank zij hem won Australië het goud.

Blootsvoets naar het goud

image039.jpg

Abebe Bikila (1932-1973), in Ethiopië soldaat van de keizerlijke wacht, won de marathon op blote voeten en werd daarmee de eerste Afrikaanse kampioen in dat nummer. Het verhaal wil dat hij door de zool van zijn sportschoenen zat en dat het tweede paar dat hij bijhad een maat te klein was, waarop hij besloot om het blootvoets te lopen. In totaal won hij elf marathons, waaronder die van de Spelen in Tokio. Tijdens zijn laatste Olympische deelname in Mexico moest hij na 15 kilometer opgeven met een stressfractuur. In de herfst van dat jaar week hij in Addis Abeba met zijn auto uit voor een groep protesterende studenten en botste hij tegen een muur. Hierdoor was hij tot aan zijn middel verlamd. Hij stierf op 43-jarige leeftijd in de Ethiopische hoofdstad.

Oeps, kleine vergissing

De Olympische droom van Wym Essajas (1935-2005) werd brutaal aan diggelen geslaan. Terwijl zijn reeks van de 800m in het Olympisch stadion gelopen werd vertoefde de Surinamer nog rustig in dromenland in zijn slaapkamer. Zijn delegatie had hem een volledig fout vertrekuur gegeven.

image260.jpg

Een kleine vergissing met grote gevolgen bij de schutters. Vilho Ylönen (1918-2000) schoot een schitterende bullseye, spijtig genoeg niet in eigen roos maar wel in die van een tegenstrever. En daardoor zakte de Fin van de tweede naar de vierde plaats.

Verkeerde kant

image040.jpg

Roger Moens (1930-) had vier jaar voordien in Melbourne forfait moeten geven, in Rome was hij dé grote favoriet op de 800 m. Moens hield het wereldrecord, maar had niet de grote vorm te pakken. In de laatste rechte lijn lag hij voorop, maar toen de Belg over zijn schouder achterom keek zag hij niet dat de onbekende Nieuw-Zeelander Peter Snell (1938-) hem aan de andere zijde voorbij liep en won. Moens finishte tweede. Snell domineerde vier jaar later niet alleen de 800m met een nieuw wereldrecord, maar hij veroverde ook het goud op de 1500m. Zijn tijd van de 800m zou 36 jaar later op de Spelen van Sydney nog goed genoeg geweest zijn voor zilver en slechts een fractie verwijderd van het toenmalige goud.

Andere Belgische prestaties

image120.jpg

Baanwielrenner Leo Sterckx (1936-) won zilver in het sprintnummer.

image114.jpg

Na het zilver van vier jaar voordien dit keer brons voor zeiler André Nelis (1935-2012) in de Dinghy klasse.

image122.jpg

Wielrenner Willy Vanden Berghen (1939-) finishte als derde in de wegrit.

Dopingdode

image002_21.jpg

Tijdens de 100km ploegentijdrit stuikte de Deense wielrenner Knud Enemark-Jensen (1936-1960) in mekaar en overleed kort nadien. De autopsie wees op een dopingcocktail van acht pillen fenylisopropilamine en vijftien amfetaminepillen met cafeïne, een moordende combinatie. Tot ieders verbazing rapporteerden de drie aangestelde artsen na de autopsie dat zijn dood te wijten was aan de hittegolf en niet aan de in zijn lichaam gevonden medicamenten. Als compensatie voor zijn dood kreeg zijn familie hierop een miljoen Lire aangeboden.

Veteraan

image041.png

Dank zij het zilver in het speerwerpen werd de Tsjechische Dana Zátopková (1922-), de echtgenote van de legendarische Emil Zatopek (1952-2000), met 37 jaar en 348 dagen de oudste medaillewinnares van de Spelen.

Basketprofi’s

image257_1.jpg

Tien van de twaalf Amerikaanse basketters speelden in de NBA. Hun superioriteit was dan ook enorm. De kleinste winst werd in de finale genoteerd, tegen de Sovjet Unie werd met 24 punten verschil gewonnen. De bronzen Brazilianen keken op tegen een achterstand van 27 punten. In vijf Olympische competities hadden de United States niet één partij verloren.

Goud en basta

image044.jpg

De 22-jarige Australiër Herb Elliot (1938-) won op dominante wijze de 1.500m met 20 meter voorsprong na een verscheurende spurt en een halve seconde onder het eigen wereldrecord. Zijn enig Olympisch optreden overigens, na de Spelen kapte hij met topsport om een professionele carrière uit te bouwen. Eerst in de ijzermijnen, later als CEO van één van de grootste condoomfabrikanten.

Iolanda Balas

image046.jpg

Van 1957 tot 1967 domineerde de Roemeense Iolanda Balas (1936-2016) het hoogspringen bij de vrouwen. In Rome was ze opnieuw de beste. Het jaar nadien lukte ze 1m91, een wereldrecord dat zo maar eventjes tien jaar stand hield. Vier jaar later in Tokio verdedigde ze haar titel met succes.

Zwemmen

image005_2.jpg

Het openlucht Stadio del Nuoto aan het Foro Italico bood plaats aan 20.000 toeschouwers. 380 deelnemers uit 45 verschillende landen betwistten vijftien verschillende zwemwedstrijden. Voor het eerst werd ook de 4 x 100m wisselslag gezwommen en de Amerikanen gingen met vijftien medailles lopen.

image048.jpg

In Rome verdiende de Australiër John Devitt (1937-) niet alleen applaus met zwemmen, maar ook door zijn houding tijdens een controverse. In de felst bevochten wedstrijd aller tijden won hij de 100m vrije slag van de Amerikaan Lance Larson (1940-). In Rome werd voor het laatst zonder elektronische tijdopname gezwommen. De meerderheid van de aankomstrechters koos Devitt als winnaar, maar de tijdopnemers noteerden 55.1 voor Larson en 55.2 voor Devitt. Uiteraard contesteerden de Amerikanen de eerste plaats van de Australiër, die uiteindelijk toch als winnaar werd aangeduid, zij het met dezelfde tijd als Larsson, 55.2. Tijdens de hele discussie, waarin harde woorden vielen, bleef Devitt ijzig kalm, wat bij een reporter het volgende ontlokte:

“Hij wekte de indruk dat dit alles uiteindelijk maar sport was, door deze houding won hij meer aanzien dan eender welke medaille hem had kunnen geven.”

Devitt had op de Spelen van 1956 in Melbourne zilver op de 100m vrije slag gewionnen en goud op de 4 x 200m vrije slag. Gedurende zijn loopbaan brak hij vier wereldrecords. Beide zwemmers stopten hun zwemcarrière na Rome, Devitt startte als verkoper bij Speedo, maar schopte het later tot Internationaal manager. In 1979 begon hij met de Australische schoolslagspecialist Terrence Stephen Gathercole (1935-2001) een eigen badpakkenbedrijf. Larson van zijn kant werd tandarts.

image050.jpg

Op 7-jarige leeftijd emigreerde de Litouwer John Konrads (1942-) met zijn ouders, grootmoeder en twee zussen naar Australië. Op 14-jarige leeftijd werd hij voor de Spelen van Melbourne geselecteerd, vier jaar later in Rome won hij de 1500m vrije slag en brons op de 400m en de 4 x 200m vrije slag. Gedurende de voorbereiding op de Spelen van 1960 zwom hij liefst acht wereldrecords op alle afstanden tussen 200m en 1650 yards vrije slag. Hij verbeterde er zelfs zes op één week tijd. In 1959 won hij alle Australische titels en in zijn hele carrière brak hij liefst 26 keer een wereldrecord. Hij en zijn zuster Ilsa (1944-) werden de 'Konrad Kids' genoemd, Ilsa zwom namelijk ook twaalf wereldrecords, maar liet het omwille van zenuwen op de Spelen steeds opnieuw afweten. De zilveren medailles met de estafetteploegen 4 x 100m vrije en 4 x 100m wisselslag in Rome waren haar enige Olympisch eremetalen. Na de Spelen aanvaardde John Konrads een zwembeurs aan de University of Southern California.

image052.jpg

Bij de vrouwen won de Amerikaanse Chris von Saltza (1944-) driemaal goud en een keer zilver, waarmee ze de koningin van het zwembad was. Haar overwinning op de 400m vrije slag doorbrak de Australische dominantie in dat nummer. Tijdens de Amerikaanse trials had ze het wereldrecord naar 4.44.5 gevijzeld. In haar hele carrière kroonde ze zich negentien keer tot Amerikaans kampioene. Ze haalde haar Universitair diploma Asian History en verhuisde naar het Oosten, waar ze zwemlerares werd in achtereenvolgens Korea, de Filipijnen, Vietnam, Maleisië, Singapore, Hong Kong en Taiwan. Professioneel was ze dertig jaar lang systeemingenieur bij IBM en daarna richtte ze een eigen consultancy bureau op voor technologie en business.

image053.jpg

Met een nieuw wereldrecord van 2:49.5 won de 19-jarige Britse Anita Lonsbrough (1941-) de 200m schoolslag. Nadien werkte ze als sportjournaliste bij The Daily Telegraph. Ze trouwde haar BBC-collega Hugh Porter (1940-), die in het baanwielrennen vier wereldtitels achtervolging won.

image055.jpg

Jeff Farrell (1937-) won twee keer goud met de Amerikaanse estafetteploeg en dat nadat hij zes dagen voor de Olympische trials van een acute appendicitis geopereerd was.

image056.jpg

In het duiken werd de Amerikaanse overheersing doorbroken. De mannen haalden in beide nummers nog goud en zilver, maar bij de vrouwen klom de 17-jarige DDR-atlete Ingrid Krämer (1943-) tweemaal op het hoogste schavotje.